Voorruit van een auto met kogelinslag na confrontatie met Amerikaanse immigratiehandhaving
Een kogelinslag in een auto na een confrontatie met immigratiehandhaving laat zien hoe snel ‘handhaving’ kan omslaan in levensgevaarlijk geweld.

Een wervingscampagne in oorlogstaal

Het begint vaak klein. Een advertentie op je telefoon. Een slogan die net iets harder klinkt dan nodig. Heilige plicht. Vaderland. Buitenlandse indringers. En voor je het weet is migratie geen sociaal vraagstuk meer, maar een vijandbeeld.

De Amerikaanse immigratiedienst ICE wil in één jaar tijd honderd miljoen dollar uitgeven aan het werven van nieuwe medewerkers. Minstens tienduizend extra mensen. Ze noemen het zelf een wervingsstrategie in oorlogstijd. Dat is geen verspreking. Dat is richting.

De campagne richt zich expliciet op wapenliefhebbers, militaire enthousiastelingen, bezoekers van worstelevenementen en luisteraars van patriottische podcasts. Mensen die zich aangesproken voelen door strijd, hiërarchie en het idee dat geweld bescherming is. Dat is geen neutrale personeelsadvertentie. Dat is ideologische selectie.

Steun vrheid.nl op Substack

Wanneer een overheid een vijand nodig heeft

Wie spreekt over oorlog, heeft een vijand nodig. En die vijand wordt hier niet gevonden aan de grens, maar gemaakt in taal. Migranten worden indringers. Mensen zonder papieren worden bedreigingen. Levensverhalen verdwijnen achter één woord.

Die framing is geen bijzaak. Door migratie als oorlog te presenteren, kan de staat uitzonderingen normaliseren. Meer wapens. Meer detentie. Minder rechtsbescherming. Angst wordt beleid. ICE functioneert steeds minder als een civiele dienst en steeds meer als een paramilitaire organisatie. Met arrestaties in woonwijken. Met detentiecentra waar mensen verdwijnen achter prikkeldraad. Met een lange geschiedenis van mensenrechtenschendingen die zelden echte consequenties hebben.

Die geschiedenis is niet abstract. Online circuleren talloze filmpjes waarin ICE‑agenten hun macht zichtbaar misbruiken. Beelden van mensen die op klaarlichte dag hardhandig uit auto’s worden getrokken. Van arrestaties bij immigratierechtbanken waarbij agenten duwen, sleuren en schreeuwen, terwijl omstanders en journalisten protesteren. Van invallen waarbij kinderen toekijken hoe volwassenen tegen de grond worden gewerkt.

Er zijn video’s waarin agenten geweld gebruiken tijdens protesten, met pepperspray en projectielen tegen demonstranten en pers. En er zijn opnames van dodelijke confrontaties waarbij de officiële lezing van ‘zelfverdediging’ wringt met wat de camera laat zien. Steeds weer hetzelfde patroon: zware middelen, weinig uitleg, nauwelijks verantwoording. Dit zijn geen incidenten die losstaan van beleid. Ze zijn het zichtbare gevolg van een systeem dat zichzelf als frontlinie ziet, en de mensen tegenover zich als dreiging.

Precies daarom is de keuze voor wapen‑ en militair georiënteerde doelgroepen zo gevaarlijk. Wie werft onder mensen die gewend zijn te denken in termen van vijand, missie en overmacht, haalt geen neutrale handhavers binnen, maar versterkt een cultuur waarin escalatie logisch voelt. Waar twijfel wordt gezien als zwakte, en gehoorzaamheid als deugd.

In zo’n cultuur wordt geweld geen ontsporing, maar een optie. Geen falen, maar uitvoering. De beelden die online circuleren laten zien wat er gebeurt als die mentaliteit samenvalt met brede bevoegdheden en minimale controle: mensen worden niet aangesproken, maar aangepakt. Niet beschermd, maar onderworpen.

Tegelijk zijn diezelfde beelden ook iets anders: een vorm van tegenmacht. Camera’s en sociale media fungeren steeds vaker als het laatste, wankele toezicht op een apparaat dat zichzelf nauwelijks corrigeert. Niet omdat burgers dat willen, maar omdat officiële controlemechanismen falen. Zonder telefoons, livestreams en gedeelde fragmenten zouden veel van deze verhalen simpelweg verdwijnen — ontkend, gladgestreken, administratief opgelost.

Wie profiteert, wie betaalt

Honderd miljoen dollar aan werving. Hoge instapbonussen. Dat geld komt niet uit de lucht vallen. Het is belastinggeld, verschoven van zorg, onderwijs en sociale vangnetten naar repressie en controle.

Wie profiteert? Een veiligheidsapparaat dat groeit op angst. Politici die scoren met stoere taal over grenzen. Bedrijven die verdienen aan detentie, bewaking en surveillance.

Wie betaalt? Migranten die worden opgejaagd. Gezinnen die uit elkaar worden gehaald. Gemeenschappen die leren dat uniformen geen bescherming bieden, maar dreiging.

En ook de samenleving zelf betaalt mee. Want elke keer dat geweld wordt gepresenteerd als plicht, schuift de morele grens van wat normaal is verder op.

De verleiding van heroïsme

De campagne belooft betekenis. Doel. Heldendom. Dat is slim, en gevaarlijk. In een tijd van economische onzekerheid en sociaal isolement biedt de staat een eenvoudig verhaal: jij kunt ertoe doen, zolang je maar bereid bent anderen als vijand te zien. Zo worden mensen niet alleen geworven, maar gevormd. Machtsuitoefening wordt persoonlijk. Verantwoordelijkheid verdwijnt naar boven. Wat overblijft is gehoorzaamheid, verpakt als roeping. Zo groeien autoritaire systemen. Niet met nuance, maar met duidelijkheid. Niet met zorg, maar met strijd.

Staten van Angst - Over macht, controle en het langzaam verdwijnen van democratische ruimte.

Wat hier echt op het spel staat

Dit verhaal stopt niet bij de Amerikaanse grens. Wat hier gebeurt, sijpelt door. Naar Europa. Naar Nederland. Naar hoe ook hier wordt gesproken over veiligheid, controle en ‘overlast’.

Als migratie oorlog wordt, wordt solidariteit verdacht.
Als mensen vijanden zijn, wordt menselijkheid een zwakte.

Daarom moeten we deze wervingscampagne zien voor wat ze is: een bewuste stap richting verdere militarisering van het sociale domein. Een politieke keuze, geen natuurwet.

Richting zonder geruststelling

We hoeven niet alle antwoorden te hebben. Maar we kunnen weigeren mee te bewegen met taal die mensen ontmenselijkt. We kunnen blijven benoemen wie profiteert en wie de prijs betaalt. En we kunnen ruimte blijven maken voor een ander verhaal. Een verhaal waarin grenzen geen slagvelden zijn. Waar veiligheid niet voortkomt uit angst, maar uit rechtvaardigheid. Waar migratie wordt gezien als menselijk, niet als vijandig.

Dat is geen naïviteit.
Dat is verantwoordelijkheid.

Vond je dit een interessant artikel?

Help ons Groeien

Aanbevolen voor jou