Gele actiebord met de tekst “Herover de wijken, onteigen de rijken” in een Amsterdams straatbeeld.
Actiebord in Amsterdam dat oproept tot het terugwinnen van wijken en het aanpakken van vastgoedspeculatie.

Omdat niemand op straat hoort te eindigen: verbied huisuitzettingen

Soms voelt Nederland aan als een land dat zijn ruggengraat kwijt is. Luxe woontorens schieten omhoog terwijl gezinnen met kinderen aankloppen bij het Rode Kruis omdat ze nergens meer terecht kunnen. Wie als “zelfredzaam” wordt beoordeeld, mag het zelf maar uitzoeken. Zoek een bank. Bel een oom. Hoop dat iemand je nog binnenlaat.

Steeds meer mensen hébben geen netwerk meer. Die banken zijn versleten; de logeerplekken uitgeput. Dakloosheid hangt niet in de lucht — het is het gevolg van keuzes. Van beleid. Van een politieke cultuur die wonen reduceert tot luxe in plaats van recht.

Daarom klinkt de oproep van BuurToren en de Bond Precaire Woonvormen steeds luider: verbied huisuitzettingen. Nu.

Steun vrheid.nl op Substack

De hardheid van beleid dat zogenaamd “niet anders kan”

De wooncrisis is geen natuurverschijnsel. Volgens het CBS waren er begin 2024 ongeveer 33.000 dakloze mensen in Nederland — bijna 20% meer dan twee jaar eerder. Maar dat is maar het zichtbare deel. De ETHOS‑telling 2025 laat zien dat duizenden mensen verborgen dakloos zijn: slapend bij vrienden, in auto’s, caravans of tijdelijke onderkomens. Onder hen meer dan vierduizend kinderen.

In Rotterdam verdwijnen opvangplekken door jarenlange bezuinigingen, terwijl het college blijft beweren dat méér opvang “aanzuigende werking” zou hebben. Alsof iemand vrijwillig dakloos wordt. Ondertussen is de sociale huursector decennialang afgebroken: woningen verkocht, gesloopt of geliberaliseerd. Het tekort aan betaalbare woningen is inmiddels opgelopen tot circa 400.000. Nieuwbouw blijft achter; de eerste helft van 2025 kende het laagste aantal opleveringen sinds 2018.

En laten we helder zijn over politieke verantwoordelijkheid: de landelijke én lokale VVD heeft jarenlang gestuurd op marktwerking, verkoop van sociale huur, huurliberalisatie en het toelaten van tijdelijke contracten. Dat beleid heeft de woonzekerheid van honderdduizenden mensen uitgehold en vormt een directe voedingsbodem voor de explosief stijgende dakloosheid.

Dat deze woonvoorraad kapotgemaakt is, is geen ongeluk. Het is beleid. En precies die uitgeholde basis is de voedingsbodem voor de explosief stijgende dakloosheid.

Een politiek die over dakloosheid praat, maar weigert te handelen

De Haagse en lokale politiek praten graag over “aanpakken”, maar ondertussen blijft echte beweging uit. Er liggen een paar moties die op papier hoopvol klinken — gemeenten aansporen om meer sociale huur te bouwen, jongeren in de jeugdzorg vóór hun achttiende een stabiel woonperspectief geven, kinderen beschermen tegen dakloosheid na een huisuitzetting, in elke regio noodopvang realiseren, een briefadres binnen drie dagen garanderen, jaarlijks rapporteren over dakloosheid.

Het zijn stappen die vooral laten zien hoe diep het probleem is. Want zolang huisuitzettingen niet worden stopgezet, blijven deze maatregelen pleisters op een wond die bewust open wordt gehouden. De politiek wíl praten, maar weigert te handelen waar het telt.

De minder zichtbare uitzettingen

Dakloosheid ontstaat niet alleen door de klassieke huisuitzetting met een deurwaarder. Juist de stille, bureaucratische vormen raken duizenden mensen — vaak zonder dat iemand het doorheeft.

Neem het voorbeeld van een volwassen dochter die jarenlang voor haar zieke moeder zorgde. Wanneer haar moeder overlijdt, krijgt zij van de woningcorporatie een brief dat zij het huis binnen vier weken moet verlaten omdat ze “niet op het contract staat”. Geen aanbod, geen alternatief, alleen de deur.

Of de alleenstaande man uit Zuid die na een explosie in zijn portiek door de burgemeester met spoed uit huis wordt gezet. De dader had niets met hem te maken, maar door de woningsluiting verliest híj zijn thuis — zonder rechter, zonder hoor en wederhoor.

En dan zijn er de huurders die door een corporatie of particuliere verhuurder worden uitgenodigd voor een “gesprek over beëindiging van de huur”. Met drie mensen van de verhuurder aan tafel, en het verzoek om “vrijwillig” te tekenen zodat er geen procedure hoeft te komen. Veel mensen voelen geen keuze — ze tekenen.

Tenslotte de tijdelijke contracten. Jongeren met een tweejarig contract die na die twee jaar simpelweg te horen krijgen: “We verlengen niet.” Geen reden, geen alternatief, gewoon einde verhaal. Voor velen betekent dat terug naar ouders, een auto, een logeerbank, of niets.

Al deze routes leiden naar hetzelfde harde eindpunt: iemand raakt zijn thuis kwijt — niet door persoonlijke keuze, maar door beleid dat onzekerheid normaal maakt.

Verborgen dakloosheid: de werkelijkheid achter de cijfers

Verborgen dakloosheid is het grootste blinde vlak in het Nederlandse woonbeleid. Mensen leven in auto’s, logeren eindeloos bij vrienden, of verblijven in vakantiehuisjes die nooit bedoeld waren om in te overleven. Deze groep wordt nauwelijks meegeteld, waardoor beleidsmakers kunnen doen alsof het probleem kleiner is dan het werkelijk is.

Het is een politiek gemakzuchtige vorm van ontkennen: zolang iemand niet letterlijk op straat slaapt, hoeft de overheid zich niet aangesproken te voelen. Maar achter die onzichtbaarheid schuilt uitputting, schaamte en continu risico. Verborgen dakloosheid is geen tussenfase; het is een vorm van kruimelend bestaan die enorm veel schade aanricht.

Jongeren uit de jeugdzorg: van zorg naar straat

Jongeren die de jeugdzorg verlaten vallen massaal tussen wal en schip. Veel gemeenten kunnen of willen hen geen stabiel woonperspectief bieden, ondanks jarenlange waarschuwingen van professionals en ervaringsdeskundigen. Jongeren worden geacht ‘zelfstandig’ te worden op het moment dat de staat de kosten niet meer wil dragen. Maar zelfstandigheid zonder woning is gewoon dakloosheid in nette taal.

Deze jongeren lopen verhoogd risico op schulden, uitbuiting, geweld en criminalisering. Wat zegt het over een samenleving als we kinderen beschermen tot hun achttiende, om ze vervolgens zonder thuis de volwassenheid in te duwen? Dit is geen systeemfout — het is politieke keuze om jongeren op te offeren aan begrotingsdiscipline en marktlogica.

De explosie van tijdelijke contracten: maakbaarheid als rookgordijn

Tijdelijke huurcontracten zijn verkocht als flexibiliteit, maar blijken vooral een machtsmiddel voor verhuurders. Anti-kraak, campuscontracten, jongerencontracten, flexwoningen — het is een woud van constructies waarin vooral één ding nooit zeker is: dat je mag blijven.

Elke afloop van zo’n contract kan eindigen in dakloosheid. De Staat wist dat, erkende dat, maar legaliseerde deze contractvormen tóch. Waarom? Omdat de markt heilig werd verklaard en betaalbare zekerheid voor gewone mensen te veel leek op een recht. Tijdelijkheid is beleid geworden. En tijdelijke huisvesting wordt structureel misbruikt als permanente oplossing. Dat is bestuur dat mensen willens en wetens in precair bestaan duwt.

Dit alles maakt duidelijk: dakloosheid wordt niet veroorzaakt door individuen, maar door politieke keuzes die onzekerheid normaal maken.

1
Maart2026
Woonprotest In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen op 18 maart zetten we de wooncrisis nadrukkelijk op de politieke agenda
13:00De Dam
Amsterdam

Waarom huisuitzettingen pure schade zijn

Volgens recente schattingen kost dakloosheid de samenleving gemiddeld €100.000 per persoon per jaar. Niet omdat mensen te duur zijn, maar omdat alles wat daarna volgt — noodopvang, zorgkosten, politie‑inzet, acute hulp — vele malen hoger uitvalt dan simpele preventie: een stabiele woning.

Huisuitzettingen zijn geen neutrale bestuurlijke handeling, maar een directe breuk in iemands bestaan — bureaucratisch geweld dat we collectief zijn gaan normaliseren. Wie zijn huis verliest, verliest niet alleen muren en een sleutel, maar ook rust, gezondheid en toekomst.

  • Ze maken mensen dakloos, vaak van de ene dag op de andere.
  • Ze verwoesten levens en relaties, en duwen mensen in crisis.
  • Ze kosten de samenleving enorme bedragen, maar vooral waardigheid, veiligheid en lichamelijke én mentale gezondheid.

De radicale, maar logische eis

We vragen niets buitensporigs. We vragen om een land waar niemand nog dakloos wordt gemaakt; waar er altijd een passend, fatsoenlijk woonalternatief wordt geboden wanneer iemand niet in een woning kan blijven; waar gemeenten en verhuurders wettelijk verplicht zijn om dakloosheid actief te voorkomen; waar ervaringsdeskundigen volwaardig meebeslissen over het beleid dat hun levens raakt; en waar onafhankelijke controle garandeert dat huisuitzettingen daadwerkelijk verdwijnen.

Waarom we niet langer kunnen wachten

Dakloosheid is geen persoonlijk falen, maar een politieke keuze. De tegenbeweging groeit, en solidariteit van onderop laat zien hoe het wél kan.

Verbied huisuitzettingen. Eindig dakloosheid. Nu.

Over de Bond Precaire Woonvormen (BPW)
De Bond Precaire Woonvormen strijdt sinds 2010 voor woonzekerheid van iedereen die door flexcontracten, tijdelijk huren, anti-kraak en andere precaire constructies in onzekerheid leeft. BPW ondersteunt huurders die worden bedreigd met uitzetting, organiseert solidariteitsacties in wijken en zet politieke druk op gemeenten, corporaties en verhuurders. Het collectief werkt vanuit solidariteit en zelforganisatie: mensen komen samen, delen kennis en oefenen macht waar die hoort — bij bewoners zelf.

Meer info en meedoen: bondprecairewoonvormen.nl

Vond je dit een interessant artikel?

Help ons Groeien

Aanbevolen voor jou