Wie denkt dat Donald Trump zijn gevaarlijkste periode al achter zich heeft, vergist zich. Zijn eerdere aanvallen op sociale zekerheid, gezondheidszorg en wetenschap waren slechts een opwarming. De man die ooit opschepte dat hij “alles kan doen wat hij wil als president” is opnieuw bezig zijn macht op te rekken – en dit keer kan de schade blijvend zijn.
Onder zijn beleid zijn essentiële publieke diensten uitgehold: van rampenbestrijding tot cyberveiligheid. Grote bedrijven krijgen royale belastingvoordelen en juridische bescherming, terwijl de rekening wordt neergelegd bij de meest kwetsbaren in de samenleving – mensen die al moeite hebben om rond te komen, die afhankelijk zijn van sociale voorzieningen, of die geen politiek gewicht hebben om zich te verdedigen. Deze verschuiving betekent dat de sterksten worden ontzien, terwijl de zwaksten de zwaarste klappen opvangen. Trump kondigt daarnaast plannen aan voor meer detentiecentra voor migranten, zonder eerlijk proces, enkel om hen massaal uit te zetten. Het gaat om mensen die juist de ruggengraat van de Amerikaanse economie vormen – landarbeiders, kinderopvangmedewerkers, schoonmakers, bouwvakkers. Het cynisme is duidelijk: Trump zelf maakte eerder gebruik van honderden ongedocumenteerde werknemers.
Zijn werkwijze volgt een vast patroon: wetten zijn er voor anderen, niet voor hem; bij aanklachten verdubbelt hij de aanval en beschuldigt zijn tegenstanders van precies wat hij zelf deed; fouten bestaan niet – alleen “perfecte” beslissingen, hoe rampzalig ook; en deskundigen worden genegeerd, want hij weet zogenaamd altijd beter.
Deze mentaliteit maakt hem bijzonder ontvankelijk voor vleierij van buitenlandse leiders. Benjamin Netanyahu, die zelf door mensenrechtenorganisaties wordt beschuldigd en in sommige internationale kringen veroordeeld voor oorlogsmisdaden, wist dat als geen ander. Hij stuurde zelfs een brief aan het Noorse Nobelcomité waarin hij Trump prees voor zijn rol in de Abraham-akkoorden, en hem aanbeval voor de Nobelprijs voor de Vrede. Onder Trump kreeg Israël vrijwel carte blanche voor militaire acties in Gaza en de Westelijke Jordaanoever – met Amerikaans geld en wapensteun, en met onschuldige burgers als slachtoffers.
De echte dreiging ontstaat wanneer Trump zijn macht zó schaamteloos misbruikt dat zelfs Republikeinse senatoren of een door Republikeinen gedomineerd Hooggerechtshof hem niet meer kunnen beschermen. Denk aan het ontslaan van de voorzitter van de Federal Reserve, het opzettelijk verzwakken van de dollar, of het starten van een militair conflict om corruptieschandalen te overschaduwen.
En stel dat hij bij een afzettingsprocedure weigert het Witte Huis te verlaten? Het Amerikaanse systeem kent noodwetten waarmee een president het leger kan inzetten tegen politieke tegenstanders. Zo’n scenario zou het land richting een openlijke dictatuur duwen. De bestorming van het Capitool op 6 januari 2021 zou dan slechts een voorproefje blijken.

Voor Europa – en dus ook voor Nederland – is dit geen ver-van-ons-bed-show. Een instabiele VS kan leiden tot financiële schokken, geopolitieke crises en een NAVO onder leiding van een onberekenbare man met kernwapens.
Trump denkt in termen van alles-of-niets, van Armageddon. En in een wereld waarin hij de knoppen bedient, moeten wij ons afvragen: hoe voorkomen we dat één man het lot van miljoenen in handen heeft? Zoals Aristoteles zei: moed is de eerste menselijke eigenschap, omdat het alle andere mogelijk maakt.
Wetenschap als spiegel van verval
Een imperium valt niet enkel door militaire nederlagen of politieke chaos; het brokkelt ook af wanneer het zijn aantrekkingskracht verliest. Waar de VS in de twintigste eeuw nog een magneet waren voor de grootste denkers en onderzoekers, keert dat beeld zich nu om. Onder Trump werden visa ingetrokken, internationale studenten verdacht gemaakt en wetenschappelijke samenwerking geblokkeerd. Robbert Dijkgraaf noemt het „misschien wel de grootste daad van zelfdestructie”: het land snijdt zichzelf af van de kennis die zijn technologische en economische macht ooit mogelijk maakte. Het contrast met de jaren dertig is schrijnend. Toen vluchtten Einstein en talloze Europese wetenschappers naar Amerika en bouwden daar de basis voor zowel Silicon Valley als de atoombom. Vandaag keren jonge onderzoekers zich juist af, verhuizen naar Europa of Canada, en nemen hun ideeën met zich mee. Wat ooit een hefboom van Amerikaanse dominantie was, verandert in een bewijs van verval.
www.nrc.nl: De Amerikaanse talentenmagneet is zijn kracht aan het verliezen
Als Trump zijn koers kan voortzetten, dreigt er meer dan alleen intern verval: het zou wel eens het einde kunnen betekenen van het Amerikaanse imperium zoals we dat kennen. De combinatie van politieke polarisatie, economische zelfdestructie en internationale vervreemding kan de VS isoleren en verzwakken tot een schim van zijn voormalige macht. Grootmachten vallen zelden plotseling; meestal brokkelen ze langzaam af onder het gewicht van hun eigen hoogmoed. En de geschiedenis leert dat wanneer het centrum instort, de periferie volgt.