Tony Blair en Larry Ellison schudden elkaar de hand tijdens een officiële bijeenkomst, symbool voor hun langdurige samenwerking en politieke-technologische invloed.
Tony Blair en Oracle-oprichter Larry Ellison tijdens een publiek moment dat hun nauwe samenwerking weerspiegelt.

Blair, Ellison en de strijd om onze publieke data

In het Verenigd Koninkrijk vindt achter de schermen een duidelijke verschuiving van macht plaats. Terwijl publieke diensten onder druk staan, zoeken Tony Blair, Larry Ellison en Oracle steeds meer invloed binnen de staat. Hun samenwerking is niet democratisch gelegitimeerd, maar gedreven door geld, lobby en technologische controle. Die combinatie begint de koers van de Britse overheid te bepalen: van gezondheidsdata tot digitale infrastructuur en burgerrechten.

De machtsas Blair – Ellison – Oracle

Tony Blair en Oracle-oprichter Larry Ellison zijn geen toevallige kennissen. Ellison is een van de rijkste tech-miljardairs ter wereld en bouwde zijn vermogen op met harde commerciële strategieën, agressieve acquisities en contracten met veiligheidsdiensten en overheden. Zijn bedrijf levert databasesystemen aan militaire structuren, politiediensten en grensbewaking. Ellison staat bekend om zijn autoritaire managementstijl en openlijke overtuiging dat uitgebreide monitoring — ook van eigen personeel — noodzakelijk is.

Hun relatie gaat terug tot 2003, toen Blair als premier al grote staatscontracten richting Oracle schoof. Inmiddels heeft Ellison meer dan £250 miljoen in het Tony Blair Institute gepompt — een bedrag dat nooit neutraal kan zijn. Wie zoveel geld geeft, koopt toegang, invloed en een plek aan tafel waar beslissingen vallen die miljoenen mensen raken. En die invloed is voelbaar.

Steun vrheid.nl op Substack

Daarnaast draagt Tony Blair een politiek verleden dat niet los te zien is van zijn huidige invloed. Als premier steunde hij de VS-geleide invasie van Irak in 2003, ondanks massale publieke oppositie en interne kritiek. De daaropvolgende Iraq Inquiry concludeerde dat de oorlog gebaseerd was op gebrekkige en onbetrouwbare inlichtingen, en dat Blair cruciale risico’s onvoldoende heeft getoetst. De gevolgen – honderdduizenden doden, regionale destabilisatie en een blijvend verlies aan vertrouwen in de Britse overheid – werpen tot vandaag een schaduw over zijn internationale rol.

TBI’s groeiende greep op de Britse overheid

Het Tony Blair Institute (TBI) wandelt tegenwoordig bijna ongehinderd de nieuwe Starmer-regering binnen. Ministers spreken de organisatie zo vaak dat hun rapporten soms binnen weken overheidslijn worden. Vooral op het gebied van digitalisering duwt TBI hard: digitale ID’s, enorme databanken, integratie van gezondheids- en persoonlijke gegevens. Het wordt verkocht als modernisering, maar voelt als iets anders: macht verplaatsen naar plekken waar burgers niet bij kunnen.

Oracle’s economische honger

Oracle heeft al £1,1 miljard binnengehaald via Britse overheidscontracten. Maar dit bedrag is slechts een opstap. Het bedrijf richt zich steeds nadrukkelijker op de NHS-database: een van de meest complete en langdurig opgebouwde gezondheidsarchieven ter wereld. De omvang en detailrijkdom maken het economisch extreem waardevol voor commerciële analyse, AI-training en farmaceutische deals.

Dat Oracle dit ziet als een markt en niet als een publiek fundament van zorg, blijkt uit de wereldwijde inzet van het bedrijf op medische dataplatforms. Daarbij worden gegevens van burgers systematisch omgezet in verhandelbare datasets. En opvallend genoeg sluiten de beleidsvoorstellen die deze toegang mogelijk maken — centralisatie, standaardisering, digitalisering — naadloos aan bij de aanbevelingen die uit het Tony Blair Institute komen. Dit creëert een situatie waarin een private multinational direct profiteert van beleidskeuzes die onder politieke vlag worden gepresenteerd.

De push voor massale data-centralisatie

Blair en Ellison delen een obsessie: alles moet centraal.

  • digitale ID-kaarten
  • één nationale databank met gezondheids- en persoonlijke gegevens
  • integratie van NHS-, genomische en diagnostische data

Het doel is helder: AI-systemen voeden met complete populatiedata. Niet een beetje, niet geanonimiseerd, maar alles. Dat is geen neutrale technologie — dat is een politiek project.

De risico’s van zo’n systeem

Zet alle gegevens van een bevolking op één hoop en je loopt niet één risico, maar tientallen. Misbruik, privatisering, surveillance. Een enkele private partij, Oracle, kan toegang krijgen tot nationale gezondheidsdata.

Ellison zegt zelf: “De camera staat altijd aan.” Die uitspraak staat niet op zichzelf. In eerdere interviews verdedigde hij uitgebreid dat Oracle-medewerkers continu gemonitord mogen worden — omdat permanente controle volgens hem discipline, veiligheid en efficiëntie zou verhogen. Dit is dezelfde logica die hij nu toepast op hele bevolkingen: dat iedereen altijd zichtbaar, traceerbaar en analyseerbaar moet zijn.

Dat is de logica van permanente monitoring, niet van publieke zorg.

De ideologische onderlaag

Ellison is de grootste donor van Friends of the IDF. Oracle-topvrouw Safra Catz spreekt openlijk over het “embedden” van liefde voor Israël in de Amerikaanse cultuur. CBS News, eigendom van Ellisons zoon, wordt geleid door iemand die zichzelf een “Zionist fanatic” noemt. Deze uitspraken zijn geen losse voorkeuren; ze laten zien hoe expliciet hun politieke en militaire loyaliteiten zijn.

Wanneer dezelfde groep mensen invloed uitoefent op nationale databanken, algoritmes en digitale ID-infrastructuren, ontstaat een situatie waarin technologische systemen niet neutraal zijn, maar mede gevormd worden door hun ideologische agenda’s. Dat betekent dat controle over gegevens van burgers niet alleen economisch, maar ook politiek gestuurd raakt. In zo’n constellatie verschuift niet alleen macht, maar ook de vraag aan wie die macht uiteindelijk trouw is.

TBI als doorgeefluik voor big tech-lobby

Voormalige TBI-medewerkers beschrijven hoe zij onder druk stonden om Oracle-diensten te verkopen aan regeringen, inclusief landen in het Globale Zuiden. Dit was geen neutrale beleidsadvisering, maar directe commerciële beïnvloeding. In meerdere Afrikaanse en Zuidoost-Aziatische landen werd het “AI-moderniseringsmodel” van TBI gepusht, terwijl gezondheidswerkers en lokale ngo’s aangaven dat de voorgestelde systemen duur, omslachtig en afhankelijkheidsversterkend waren.

Voorbeelden die zij noemen:

  • in Rwanda werd Oracle-technologie gepresenteerd als dé oplossing voor digitale overheid, terwijl lokale IT-experts waarschuwden dat het de staat afhankelijk zou maken van een buitenlandse leverancier;
  • in Ghana werd een Oracle-cloudoplossing aanbevolen voor gezondheidsdata, ondanks rapporten dat het onderhoud vele malen duurder zou worden dan bestaande publieke systemen;
  • in Cambodja werd een AI-gestuurd beleidsdashboard gepromoot dat in praktijk vooral data centraliseerde zonder democratische waarborgen.

In al deze gevallen presenteerde TBI de voorstellen als “modernisering”, terwijl de uitkomst vooral was dat Oracle nieuwe markten betrad. AI-boosterisme werd een exportproduct, en de denktank functioneerde steeds meer als lobbykanaal voor big tech in plaats van als onafhankelijke beleidsadviseur.

Privatisering van publieke zorgdata

De NHS-database is geen handelswaar. Het is een publieke schat, opgebouwd door miljoenen mensen die hun gegevens deelden in vertrouwen. Dat dit nu in de richting van een Amerikaanse miljardair schuift, is geen technologische vooruitgang. Het is verlies van publieke zeggenschap, groei van surveillance en een nieuwe verstrengeling van politiek met big tech.

Het herkenbare patroon

Blair verkoopt digitalisering als vooruitgang. Maar achter het glanzende verhaal ligt een oud mechanisme: winst voor Oracle, verlies voor burgers, afbrokkelende privacy en een staat die steeds meer lijkt op een dataplatform. Ellisons eigen woorden laten zien dat dit geen onschuldig project is. Wie gelooft in permanente monitoring, gelooft niet in burgers, maar in controle.

We staan midden in een gevaarlijke driehoek van macht, ideologie en technologie. De inzet is immens: onze gezondheidsdata, onze publieke diensten, onze democratische controle. De vraag is niet of dit technisch kan. De vraag is wie er profiteert, wie er betaalt, en wie besluit over een toekomst waarin we misschien meer bekeken worden dan gehoord.

Vond je dit een interessant artikel?

Help ons Groeien

Aanbevolen voor jou