Verweerde verkiezingsposter van Forum voor Democratie op straatpaal in Nederlandse woonwijk
Een beschadigde verkiezingsposter van Forum voor Democratie in een woonwijk, kort voor lokale verkiezingen

De brug naar extreemrechts

Met de gemeenteraadsverkiezingen in zicht wordt zichtbaar hoe Forum voor Democratie lokaal fungeert als brug tussen parlementaire politiek en extreemrechtse netwerken. Dit zijn geen vermoedens. Dit zijn geen losse incidenten. Dit zijn vastgelegde ontmoetingen, gedeelde podia en gedocumenteerde samenwerkingen.

Is Forum voor Democratie extreemrechts in de gemeentepolitiek?

Forum voor Democratie onderhoudt al jaren aantoonbare contacten met extreemrechtse en fascistische netwerken, in Nederland en daarbuiten. Dat gebeurt zichtbaar, herhaald en bewust: via internationale conferenties, jongerenorganisaties, demonstraties en gezamenlijke campagnes. Wie het patroon wil zien, hoeft niet te graven. Het ligt open en bloot. Met de gemeenteraadsverkiezingen in zicht is dit geen abstract debat, maar een direct relevante realiteit voor lokale politieke keuzes en machtsvorming.

De vraag is dus niet of FvD een probleem heeft met extreemrechts. De vraag is waarom deze verwevenheid zo lang kon worden genegeerd en genormaliseerd — door de partij zelf, door media die bleven spreken van ‘relletjes’ of ‘onrust’, en door andere partijen die deden alsof dit zich aan de randen afspeelde en niet midden in de politiek.

Steun vrheid.nl op Substack

Voor FvD zelf is dit geen ontsporing. Het is richting. Geen ongeluk, maar keuze. Ideologisch gedreven, consequent uitgevoerd, en steeds verder opgerekt zolang er geen harde grens werd getrokken.

De winst daarvan is concreet. Door extreemrechtse thema’s stap voor stap salonfähig te maken, verschuift FvD het hele politieke midden. Racistische theorieën worden ‘discussiepunten’. Uitsluiting heet ‘beleid’. Autoritaire fantasieën worden verpakt als verzet tegen elites. Wat eerst onzegbaar was, wordt bespreekbaar. Wat eerst marginaal leek, wordt ineens een optie.

Die strategie zie je terug in taal, symbolen en timing. In woorden als ‘remigratie’ en ‘omvolking’, zorgvuldig gekozen om de lading te verhullen terwijl de boodschap intact blijft. In het spelen met symboliek — historische vergelijkingen, bewuste provocaties, grijze zones rond antisemitisme en fascistische referenties. En in timing: radicale retoriek duikt op tijdens crises, verkiezingen en maatschappelijke onrust, wanneer angst en woede politiek het meest renderen.

Zo fungeert FvD als brug. Tussen parlement en straat. Tussen ‘kritische vragen’ en openlijk extremisme. Niet omdat dat uit de hand liep, maar omdat het zo werkt.

In het kort: FvD normaliseert extreemrechts door taal te verzachten, symbolen te testen en crises strategisch te benutten. Wat eerst radicaal was, wordt politiek denkbaar. De winst is ideologisch én electoraal: verschuivende grenzen, nieuw publiek, minder tegenstand.

Wat betekent dit voor de gemeenteraadsverkiezingen?

Op lokaal niveau wordt deze strategie concreet. FvD-raadsleden duiken op bij anti-azc-acties waar ook Voorpost en Pegida aanwezig zijn, spreken vanaf dezelfde podia en legitimeren zo elkaars aanwezigheid. De gemeenteraad wordt daarmee geen buffer tegen radicalisering, maar een schakel erin. Niet via beleidsstukken, maar via zichtbaarheid, samenwerking en het normaliseren van extreemrechts gedachtegoed in lokale campagnes.

Waarom boycotten Amsterdamse partijen Forum voor Democratie?

In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen hebben vrijwel alle Amsterdamse partijen aangekondigd geen politieke samenwerking meer aan te gaan met Forum voor Democratie. Volgens hen neemt de partij geen afstand van kandidaten met rechts-extremistische opvattingen. Daarmee is de discussie over FvD in Amsterdam niet alleen ideologisch, maar ook bestuurlijk geworden: welke partijen worden nog als legitieme partner gezien binnen de gemeenteraad.

Amsterdam: politieke isolatie als grens

In Amsterdam heeft deze dynamiek geleid tot een expliciete politieke breuklijn. Vrijwel alle partijen in de gemeenteraad weigeren elke vorm van samenwerking met Forum voor Democratie, zowel tijdens de campagne als na de verkiezingen. In een gezamenlijk statement stellen zij dat FvD geen afstand neemt van rechts-extremistische opvattingen van kandidaten en dat verdere normalisering onaanvaardbaar is.

Het statement is ondertekend door onder meer Partij voor de Dieren, Volt, BIJ1, CDA, D66, DENK, Partij voor Morgen, PvdA, GroenLinks, De Vonk en VVD. Zij noemen expliciet de kandidatuur van Reginald Eeckhout, nummer zeven op de Amsterdamse lijst, die volgens NRC mede-oprichter is van het extreemrechtse netwerk Erkenbrand. Deze organisatie streeft naar een zogenoemde blanke etnostaat en werd door de AIVD aangemerkt als een gevaar voor de democratische rechtsorde.

Volgens de ondertekenaars past deze kandidatuur in een breder patroon waarin Forum voor Democratie kandidaten aantrekt met rechts-extremistische sympathieën. Zolang de partij daar geen afstand van neemt, sluiten zij debatdeelname, coalitievorming en andere vormen van samenwerking uit. Debatorganisatoren worden opgeroepen FvD niet langer als vanzelfsprekend podium te bieden.

De boycots beperken zich niet tot Amsterdam. In Den Haag ondertekende ook de VVD een verklaring om politieke samenwerking met FvD uit te sluiten. Fractievoorzitter Lotte van Basten Batenburg noemde dat „democratisch een hele zware stap”, maar noodzakelijk na de betrokkenheid van FvD-kandidaten bij extreemrechtse groeperingen als de Nationale Volks-Unie, Voorpost, Pegida en Erkenbrand. In Den Haag speelde bovendien de kandidatuur van Timon Busscher, die in uitgelekte JFVD-berichten de extreemrechtse terroristen Brenton Tarrant en Anders Breivik het „goddelijke duo” noemde.

In Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Nijmegen vormt inmiddels een meerderheid van partijen een front tegen bestuurlijke samenwerking met FvD. Daarmee verschuift het debat van morele verontwaardiging naar bestuurlijke normering: wat is nog toelaatbaar binnen de lokale democratie?

Niet alle partijen onderschrijven deze strategie. SP en JA21 waarschuwen dat een boycot ook het risico draagt extreemrechts in eigen, gecontroleerde contexten te duwen. VVD-fractievoorzitter Daan Wijnants erkende bovendien dat uitsluiting FvD aandacht kan geven: „We belonen ze met aandacht.” Politicoloog Matthijs Rooduijn (UvA) noemt politieke uitsluiting een van de zwaardere normerende middelen, maar bij partijen die publiekelijk antidemocratisch gedachtegoed verspreiden verdedigbaar – zeker zolang ze klein zijn.

Juist dat spanningsveld maakt de gemeenteraadsverkiezingen relevant. Het gaat niet alleen om zetels, maar om de vraag of en hoe lokale politiek grenzen stelt wanneer extreemrechts zich institutioneel probeert te verankeren.

Van nieuwsgierigheid naar normalisering

Thierry Baudet presenteert zijn internationale contacten graag als intellectuele openheid. Gesprekken “om je te informeren”. Maar wie vijf uur uittrekt voor een ontmoeting met de Amerikaanse witte nationalist Jared Taylor, ideoloog van het blank-supremacistische netwerk American Renaissance, weet met wie hij praat. En wie dat gesprek laat arrangeren via Nederlandse alt-right-kringen, kiest bewust zijn gezelschap.

Dat patroon herhaalt zich. In Wenen. In Milaan. Op congressen waar ‘remigratie’ wordt gepresenteerd als beleidsoptie, terwijl het in werkelijkheid draait om uitsluiting en verdrijving. Waar FvD-vertegenwoordigers zij aan zij staan met kopstukken van Europese uiterst-rechtse partijen als Vlaams Belang en de Duitse AfD. Niet per ongeluk, niet één keer, maar structureel. Zo positioneert FvD zich internationaal steeds nadrukkelijker binnen een netwerk waarin democratie geen uitgangspunt is, maar een hinderlijke tussenstap.

Binnen de partij: wie blijft, wie vertrekt

Die koers bleef niet zonder gevolgen. Binnen de jongerenafdeling kwamen openlijk neonazistische en antisemitische denkbeelden naar boven. Niet aan de randen, maar in het hart van de organisatie. Hitlerverheerlijking. SS-leuzen. Complottheorieën over Joden. En wie dit benoemde, werd niet beschermd maar verwijderd.

De reactie van de partijtop was veelzeggend. Geen sanering, maar promotie. Mensen die verantwoordelijk waren voor deze cultuur werden omhooggeschoven. Daarmee werd een helder signaal afgegeven: dit is geen afwijking, dit hoort erbij.

Wie daar niet in mee wilde, vertrok. Senatoren, Kamerleden, bestuurders. Niet omdat ze plotseling gematigd of links werden, maar omdat hun democratische ondergrens werd overschreden. Wat achterbleef, was een partij die radicalisering niet corrigeerde, maar absorbeerde.

De straat als verlengstuk

Ook lokaal vervaagt de lijn. In juni 2025, tijdens anti-azc-demonstraties in onder meer Dordrecht en Haarlem, werd dat scherp zichtbaar. FvD-raadsleden spraken op bijeenkomsten waar neonazistische en islamofobe groeperingen als Voorpost en Pegida meeliepen. Campagnes waarin ‘eigen volk eerst’ weer hardop klonk. Waar Hitlergroeten opdoken en niemand het podium verliet.

Het gaat hier niet om losse ontsporingen. Het gaat om samenwerking. Soms openlijk, soms door weg te kijken. En altijd met dezelfde uitkomst: extreemrechts krijgt legitimiteit, omdat het naast een parlementaire partij mag staan. Zo wordt de straat een verlengstuk van de partijpolitiek. En de partij een toegangspoort voor radicale netwerken die al langer wachten op normalisering.

Waakhonden zijn geen paniekzaaiers

Antifascistische onderzoekers en onderzoeksjournalisten hebben dit niet verzonnen. Groepen als Kafka leggen jaar na jaar vast welke personen, symbolen en organisaties opduiken rond FvD-bijeenkomsten en acties. Journalisten van onder meer NRC, Het Parool en HP/De Tijd reconstrueerden appgroepen, netwerken en ontmoetingen. Zo wordt zichtbaar wie samen organiseert, wie elkaars taal overneemt en hoe patronen zich herhalen.

Internationale onderzoeken tonen hoe nieuwe neonazistische jongerenbewegingen ontstaan en zich verbinden met bredere netwerken. Onder meer Bellingcat en de Anne Frank Stichting beschreven de opkomst van groepen als De Geuzenbond en zogeheten Active Clubs, die ideologieën van ‘witte broederschap’ en omvolking verspreiden. Dat juist deze groepen opduiken rond acties en campagnes waar ook FvD’ers aanwezig zijn, is geen toeval. Het is een waarschuwingssignaal. Wie deze signalen wegzet als hysterie, kiest ervoor niet te kijken.

Juridische grenzen en politieke verantwoordelijkheid

Die spanning tussen retoriek en verantwoordelijkheid speelt ook op landelijk niveau. In hoger beroep werd FvD-Kamerlid Gideon van Meijeren door het gerechtshof in Den Haag vrijgesproken van opruiing. Hij had tijdens boerenprotesten in 2022 vraagtekens gezet bij het ‘taboe op geweld’ en in een interview gesuggereerd dat burgers naar het parlement zouden moeten trekken tot de regering verdwijnt. Volgens het Openbaar Ministerie kon zo’n formulering ook zonder expliciete geweldsoproep als opruiing worden opgevat.

Het hof oordeelde uiteindelijk dat de uitlatingen juridisch niet strafbaar waren. Daarmee werd de strafzaak afgesloten, maar het onderliggende debat niet. De vraag die blijft staan is niet alleen wat juridisch mag, maar ook wat politiek wordt genormaliseerd wanneer gekozen vertegenwoordigers spreken over geweld als denkbare optie in een democratische rechtsstaat.

Tijdlijn: belangrijke momenten rond FvD en extreemrechts

2017 – Thierry Baudet spreekt in Amsterdam met de Amerikaanse witte-nationalist Jared Taylor, mede georganiseerd via leden van de Nederlandse alt-right-groep Erkenbrand.

2019–2020 – Binnen de jongerenorganisatie JFVD komen chatberichten naar buiten met antisemitische en neonazistische uitingen. De affaire leidt tot een grote interne crisis en het vertrek van prominente leden uit de partij.

2022 – Tijdens boerenprotesten stelt FvD-Kamerlid Gideon van Meijeren publiekelijk vragen bij het “taboe op geweld”, wat leidt tot een strafzaak die later in hoger beroep tot vrijspraak leidt.

2024–2025 – Onderzoek van journalisten en waakhonden legt opnieuw verbanden bloot tussen FvD-kandidaten en extreemrechtse organisaties zoals Voorpost, Pegida, de Geuzenbond en Erkenbrand.

2026 – In meerdere steden, waaronder Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Nijmegen, sluiten lokale partijen politieke samenwerking met Forum voor Democratie uit in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen.

Deze gebeurtenissen staan niet los van elkaar. Samen laten ze zien hoe een reeks incidenten uitgroeit tot een herkenbaar patroon waarin extreemrechts gedachtegoed steeds dichter bij de institutionele politiek komt te staan.

Wat hier op het spel staat

De vraag is al lang niet meer of Forum voor Democratie ‘te ver gaat’. De vraag is wat er gebeurt wanneer ideeën die ooit buiten het democratische spectrum vielen stap voor stap worden genormaliseerd binnen het politieke systeem.

Migranten worden structureel tot probleem verklaard. Joodse gemeenschappen worden opnieuw ingezet als politiek symbool. De geschiedenis van tot slaaf gemaakten wordt gerelativeerd of weggepoetst. En een democratie raakt langzaam gewend aan het ondenkbare.

Extreemrechts wint zelden in één klap. Het wint door herhaling. Door gewenning. Door taal die verschuift, grenzen die vervagen en instituties die te laat reageren.

Met de gemeenteraadsverkiezingen in zicht wordt die vraag concreet. Niet alleen wie zetels wint, maar of lokale politiek bereid is grenzen te trekken wanneer antidemocratische ideeën zich via verkiezingen institutioneel proberen te verankeren.

Democratie wordt niet alleen verdedigd door wetten of verkiezingen. Ze wordt ook beschermd door politieke keuzes: door wat we normaliseren, wat we begrenzen en waar we als samenleving uiteindelijk een streep trekken.

Vond je dit een interessant artikel?

Help ons Groeien

Aanbevolen voor jou