Donald Trump spreekt bij de VN en steekt zijn eigen loftrompet.
Donald Trump tijdens zijn toespraak bij de VN in 2018, waarin hij zichzelf prees voor zijn successen, wat gelach uitlokte van wereldleiders.

“America First” en Internationale Isolatie

De uitslag van de verkiezingen van 2016 sloeg in als een geopolitieke mokerslag — voor bondgenoten die rekenden op continuïteit, voor multilaterale instellingen die leunden op Amerikaanse betrokkenheid, en voor iedereen die dacht dat de liberale wereldorde vanzelfsprekend was. Met de overwinning van Donald Trump kwam niet alleen een nieuwe president aan de macht, maar ook een andere visie op de wereld en Amerika’s plaats daarin.

Het buitenlandse beleid van Trump liet zich vanaf dag één samenvatten in twee woorden: America First. Dat klonk daadkrachtig, maar betekende in de praktijk vooral: Amerika alleen. Verdragen werden heropend of opgezegd, multilaterale afspraken ingeruild voor spierballentaal. Trump zei dat hij Amerikaanse belangen verdedigde, maar zijn koers botste voortdurend met bondgenoten en vrat aan het weefsel van internationale samenwerking dat decennialang was opgebouwd.

Parijs en Teheran: breken als signaal

In 2017 stapte Trump uit het klimaatakkoord van Parijs. Niet stilletjes, maar demonstratief, omringd door fossiele lobbyisten en met een toespraak waarin hij wetenschap wegzette als last en klimaatbeleid als bedreiging voor Amerikaanse banen. De Verenigde Staten — op dat moment verantwoordelijk voor ongeveer vijftien procent van de mondiale CO₂‑uitstoot — trokken zich terug uit een akkoord dat juist bedoeld was om gezamenlijke verantwoordelijkheid af te dwingen. Voor Europa was het een schok; voor eilandstaten en landen in het mondiale Zuiden was het meer dan symboliek. Het was een signaal dat hun overleving onderhandelbaar was.

Steun vrheid.nl op Substack

Een jaar later volgde de Iran-deal, officieel het Joint Comprehensive Plan of Action. Internationale inspecteurs bevestigden herhaaldelijk dat Iran zich aan de afspraken hield, maar Trump trok zich daar niets van aan. Hij stapte eruit, herstelde zware sancties en dreigde ook Europese bedrijven die zaken deden met Iran te straffen. Terwijl Frankrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk koortsachtig probeerden het akkoord te redden, kneep Washington de Iraanse economie af. De waarde van de munt kelderde, medicijnen werden schaars en diplomatie veranderde in een dun koord boven open vuur. Het resultaat was geen veiligheid, maar escalatie — en een Midden-Oosten dat opnieuw een stap dichter bij oorlog kwam.

NAVO: bondgenoten onder voorbehoud

Ook de NAVO kwam onder structurele druk te staan. Trump eiste dat lidstaten hun defensie-uitgaven verhoogden tot de afgesproken norm van twee procent van het bbp. Dat punt was niet nieuw, maar zijn benadering wel: publiek, dreigend en zonder onderscheid tussen politieke bondgenoten en tegenstanders. Meermaals suggereerde hij dat de Verenigde Staten landen die ‘te weinig betaalden’ mogelijk niet zouden verdedigen.

De afstand werd in december 2019 pijnlijk zichtbaar tijdens de NAVO-top in Londen. Op uitgelekte beelden was te zien hoe leiders van onder meer Canada, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk Trump lachend bespraken, zichtbaar geamuseerd door zijn opschepperij en zijn claim dat hij bondgenoten ‘had gedwongen’ meer te betalen. Het moment was klein, bijna banaal — maar het zei veel. Achter gesloten deuren werd de Amerikaanse president niet langer gevreesd of gevolgd, maar weggewuifd.

Vooral in Oost‑Europa en de Baltische staten sloeg die toon hard in. Landen als Polen, Litouwen en Estland, geografisch kwetsbaar en historisch getekend door Russische overheersing, zagen Artikel 5 — de belofte dat een aanval op één een aanval op allen is — ineens veranderen van zekerheid in vraagteken. Diplomaten spraken openlijk over scenario’s die tot dan toe ondenkbaar waren: wat als Washington wegblijft?

Tegelijkertijd ondermijnde Trump de NAVO van binnenuit door haar nut publiekelijk in twijfel te trekken en Europese leiders af te schilderen als profiteurs. Achter de schermen bleef het Amerikaanse leger wel degelijk betrokken bij afschrikking aan de oostflank, maar politiek werd het bondgenootschap uitgehold. Vertrouwen is geen knop die je aan en uit zet; eenmaal beschadigd werkt het door.

De schade zat niet alleen in wat Trump deed, maar in wat hij normaliseerde. Het idee dat collectieve veiligheid een transactie is. Dat solidariteit onderhandelbaar is. Daarmee werd de NAVO niet formeel ontmanteld, maar wel ideologisch verzwakt — precies op het moment dat autoritaire machten testten hoe ver ze konden gaan.

China: handelsoorlog met bijwerkingen

Tegenover China koos Trump voor openlijke confrontatie, niet alleen in woorden maar met harde economische middelen. Vanaf 2018 begon zijn regering met het opleggen van hoge importtarieven op Chinese goederen. Eerst ging het om heffingen van 25 procent op zo’n 50 miljard dollar aan producten, later werd dit uitgebreid tot honderden miljarden. Officieel draaide het om ‘oneerlijke handelspraktijken’ en diefstal van intellectueel eigendom, maar in de praktijk werd handel een geopolitiek wapen.

China sloeg terug met eigen tarieven, gericht op politiek gevoelige Amerikaanse exportproducten zoals sojabonen, varkensvlees en maïs. Vooral boeren in het Midden‑Westen werden geraakt; de Amerikaanse overheid moest miljarden uittrekken aan noodsteun om het inkomensverlies te compenseren. De handelsoorlog werd zo een binnenlands sociaal probleem, betaald uit publieke middelen.

In januari 2020 sloten Washington en Peking een zogenoemd ‘Phase One’-akkoord. China beloofde meer Amerikaanse producten af te nemen en enkele regels rond intellectueel eigendom aan te scherpen. In ruil verlaagden de VS een deel van de tarieven, maar het grootste deel bleef intact. Het akkoord bracht geen structurele ontspanning. Productieketens bleven verstoord, prijzen stegen en bedrijven weken uit naar derde landen.

Tegelijk kreeg het conflict een ideologische lading. Technologie werd het nieuwe front: sancties tegen Chinese techbedrijven, beperkingen op halfgeleiders en groeiende angst voor digitale spionage. Wat begon als een handelsconflict, groeide uit tot een bredere machtsstrijd over wie de regels van de wereldeconomie bepaalt. Steeds vaker klonk de term ‘nieuwe Koude Oorlog’ — minder militair, maar niet minder ontwrichtend.

De VN en de lach

Tijdens zijn toespraak bij de Verenigde Naties in 2018 prees Trump zichzelf om zijn ‘ongekende’ prestaties. Toen de zaal begon te lachen, viel even het decor weg. Het was geen vijandige lach, maar een ongemakkelijke. Een collectief moment waarop zichtbaar werd hoezeer Amerika’s president los was geraakt van het gezelschap dat hij zei te leiden. De geloofwaardigheid van de VS liep er hoorbaar schade op.

Staten van Angst - Over macht, controle en het langzaam verdwijnen van democratische ruimte.

Rusland: nabijheid zonder uitleg

Trumps omgang met Rusland brak radicaal met de lijn van zijn voorgangers. Terwijl zijn regering formeel vasthield aan sancties die waren ingesteld na de annexatie van de Krim in 2014, ondermijnde Trump diezelfde sancties politiek en symbolisch. Hij noemde ze herhaaldelijk ‘oneerlijk’ en suggereerde openlijk dat ze Rusland onnodig strafden. Dat signaal werd in Moskou goed begrepen.

Het breekpunt kwam in juli 2018, tijdens de top in Helsinki. Naast Vladimir Poetin verklaarde Trump dat hij de Russische president geloofde wanneer die ontkende zich met de Amerikaanse verkiezingen te hebben bemoeid — ondanks uitgebreide conclusies van zijn eigen inlichtingendiensten die het tegendeel aantoonden. Het moment veroorzaakte shockgolven in Washington. Veiligheidsadviseurs, diplomaten en zelfs prominente Republikeinen spraken van een ongekende ondermijning van het Amerikaanse veiligheidsapparaat.

Die spanning bleef niet beperkt tot woorden. Trump ontsloeg of marginaliseerde meerdere hoge functionarissen uit de veiligheids- en inlichtingenwereld, waaronder FBI-directeur James Comey, en viel zijn eigen diensten publiekelijk aan als partijdig en onbetrouwbaar. Daarmee verzwakte hij niet alleen instituties, maar ook het idee dat feiten en analyses boven persoonlijke loyaliteit staan.

Oekraïne werd het andere brandpunt. In 2019 hield Trump militaire steun aan het land tegen, terwijl het verwikkeld was in een lopend conflict met Rusland. Die steun werd pas vrijgegeven nadat bleek dat Trump de Oekraïense president onder druk had gezet om belastend materiaal te verzamelen over Joe Biden. De affaire leidde tot zijn eerste impeachment. Voor bondgenoten was de boodschap helder en verontrustend: veiligheidsgaranties konden verworden tot ruilmiddel voor persoonlijke of electorale belangen.

Samen vormden deze momenten een patroon. Niet zozeer van openlijke samenwerking met Rusland, maar van systematische twijfel zaaien over westerse instituties, democratische processen en collectieve veiligheid. Dat patroon zou, enkele jaren later, een pijnlijke voorbode blijken van een Europa waarin Rusland opnieuw de grenzen testte — en waarin vertrouwen in Amerikaanse rugdekking niet langer vanzelfsprekend was.

Macht en deals: Afghanistan, Soleimani en de Abraham-akkoorden

In Afghanistan koos Trump voor een aanpak die jarenlang ondenkbaar was in Washington: directe onderhandelingen met de Taliban, buiten de Afghaanse regering om. In 2019 kondigde hij zelfs een ontmoeting met Taliban-leiders aan op Camp David, vlak bij Washington. Die bijeenkomst ging uiteindelijk niet door na een dodelijke aanslag door de Taliban, maar het signaal was helder. Een beweging die jarenlang als ononderhandelbare vijand gold, werd ineens gesprekspartner. In februari 2020 resulteerde dat in een akkoord in Doha, waarin de VS instemden met een terugtrekking van troepen, in ruil voor vage veiligheidsbeloften. Het akkoord legde de basis voor de latere chaotische aftocht en liet miljoenen Afghanen achter in onzekerheid.

Datzelfde jaar liet Trump de Iraanse generaal Qassem Soleimani doden. Een daad die hij presenteerde als zelfverdediging, maar die de regio op scherp zette en de wereld even deed vrezen voor oorlog. Diplomatie werd ingeruild voor drone-aanvallen, strategie voor impuls. Tegelijk boekte hij een diplomatiek succes met de Abraham-akkoorden, waarin Israël en enkele Arabische staten hun relaties normaliseerden. Het paste bij Trumps stijl: harde escalatie naast onverwachte deals, zonder samenhangend kader.

Wat blijft

Los van verkiezingsuitslagen en personen blijft Trumps buitenlandse beleid doorwerken in de internationale verhoudingen. Niet omdat zijn besluiten uniek waren, maar omdat hij grenzen heeft verschoven: in wat een Amerikaanse president publiekelijk kan zeggen over bondgenoten, in hoe vrijblijvend internationale afspraken kunnen worden gemaakt, en in hoe openlijk autoritaire leiders als gesprekspartners werden genormaliseerd.

Zijn grootste impact zit niet in één verdrag of één conflict, maar in het patroon dat hij achterliet. Wantrouwen tegenover multilaterale samenwerking werd salonfähig. Collectieve veiligheid werd voorgesteld als kostenpost. Macht, zo liet Trump zien, hoeft niet meer te worden gelegitimeerd met waarden, alleen met eigenbelang.

Dat effect verdwijnt niet met een wisseling van de wacht. Bondgenoten houden sindsdien rekening met een Amerika dat zich kan terugtrekken. Tegenstanders testen vaker de grenzen. Diplomatie is voorzichtiger geworden, defensieplanning harder, internationale samenwerking brozer.

Trump ziet zichzelf als de man die Amerika’s positie herstelde. Zijn critici zien een president die het internationale systeem verzwakte op een moment dat gezamenlijke antwoorden juist noodzakelijker werden. Beide lezingen bestaan naast elkaar — en precies daar zit de blijvende spanning.

Misschien blijft uiteindelijk vooral dat ene beeld hangen: de lach. Niet alleen die in de zaal van de Verenigde Naties, maar ook die bij NAVO-toppen, achter gesloten deuren, in diplomatieke wandelgangen. Geen openlijke spot, maar een mengsel van ongeloof en afstand. Het soort lach dat klinkt wanneer leiderschap onvoorspelbaar wordt en zekerheden verdwijnen.

Die lach is geen anekdote. Ze markeert een verschuiving die nog altijd voelbaar is: van vanzelfsprekende invloed naar betwiste macht. Wie haar negeert, mist wat er werkelijk op het spel staat — en waarom de wereldorde sindsdien minder stabiel, maar niet minder gevaarlijk is.

Vond je dit een interessant artikel?

Help ons Groeien

Aanbevolen voor jou