Aanhangers van de Bolivariaanse Revolutie tonen portretten van Simón Bolívar, Hugo Chávez en Nicolás Maduro tijdens een bijeenkomst in Venezuela
Aanwezigen tonen portretten van Bolívar, Chávez en Maduro tijdens een bijeenkomst die de historische en politieke lijn van de Bolivariaanse Revolutie benadrukt.

Venezuela is niet van Washington

In de westerse berichtgeving over Venezuela keert steeds dezelfde rolverdeling terug. Een ontspoorde staat. Een autoritaire regering. Een oppositie die bijna vanzelfsprekend voor democratie zou staan. Maar achter dat vertrouwde decor gaat een ander verhaal schuil. Niet alleen dat van economische ontwrichting, politieke fouten en sociale uitputting, maar ook dat van buitenlandse druk, sancties en voortdurende pogingen om de toekomst van het land van buitenaf te sturen. Wie dat weglaat, beschrijft Venezuela niet, maar herhaalt het perspectief van de machtigen.

Onder het verhaal over democratie schuilt een strijd om olie, macht en soevereiniteit

De strijd om Venezuela gaat al lang niet meer alleen over bestuur, verkiezingen of mensenrechten. Ze gaat ook over olie, geopolitieke invloed en de vraag wie het recht opeist om te bepalen hoe een land zich moet ontwikkelen. Precies daar wordt de westerse blik vaak selectief. Wat wordt gepresenteerd als zorg om democratie, blijkt telkens weer verweven met sancties, diplomatieke druk en openlijke steun aan regimewisseling.

Dat Venezuela al jaren in een diepe crisis verkeert, is duidelijk. Die crisis heeft ook binnenlandse oorzaken. Bestuurlijke fouten, corruptie, repressie, economische ontwrichting en scherpe politieke polarisatie hebben het land zwaar beschadigd. Maar het verhaal wordt misleidend zodra buitenlandse inmenging wordt voorgesteld als oplossing in plaats van als deel van het probleem. Vooral de Verenigde Staten hebben zich herhaaldelijk gedragen alsof de politieke toekomst van Venezuela niet in de eerste plaats door Venezolanen zelf, maar mede door Washington bepaald mag worden.

Steun vrheid.nl op Substack

Dat is geen neutrale betrokkenheid. Het is machtspolitiek. In een land met enorme olievoorraden valt geopolitieke druk niet los te zien van economische belangen. De taal van democratie wordt dan een bruikbaar instrument om iets anders te legitimeren: invloed behouden, ongewenste regeringen verzwakken en de grenzen van soevereiniteit opnieuw trekken in het voordeel van de sterkste staten.

Ook de manier waarop over Venezuela wordt verteld, verdient meer argwaan dan ze meestal krijgt. In veel westerse media zijn delen van de oppositie lange tijd behandeld als vanzelfsprekend democratisch en legitiem, zelfs wanneer geweld, intimidatie en ontwrichting een rol speelden. Tegelijk werd de regering vaak gereduceerd tot een vlak beeld zonder geschiedenis, zonder sociale basis en zonder context. Zo verdwijnt niet alleen nuance uit zicht, maar ook de vraag welk geweld wordt veroordeeld en welk geweld wordt genormaliseerd zolang het geopolitiek bruikbaar is.

Daarmee verdwijnt ook de betekenis van het chavisme uit beeld. Onder Chávez werd niet alleen een andere regering gekozen, maar werd ook de oude politieke orde opengebroken. Voor miljoenen arme en eerder uitgesloten Venezolanen betekende de Bolivariaanse Revolutie niet in de eerste plaats een abstract ideologisch verhaal, maar een tastbare verschuiving in waardigheid, toegang en zichtbaarheid. Zorg, onderwijs, politieke participatie en sociale rechten werden voor brede lagen van de bevolking minder vanzelfsprekend bezit van de elite en meer onderdeel van een collectieve aanspraak.

Dat verleden laat zich niet wegpoetsen met verwijzingen naar de crisis van later jaren. Het verklaart waarom het chavisme niet alleen als staatsproject kan worden begrepen, maar ook als sociale breuk met een oude oligarchische orde die grote delen van de bevolking structureel buitensloot. Wie dat negeert, begrijpt niet waarom de strijd om Venezuela zo fel is, en ook niet waarom buitenlandse machten zo graag bepalen welke politieke krachten als legitiem mogen gelden.

Tegelijk is het te eenvoudig om Venezuela uitsluitend te lezen via de staat. Er is ook een geschiedenis van buurtnetwerken, volksorganisaties, coöperatieven, communes en gemeenschappen die geprobeerd hebben meer zeggenschap over hun eigen bestaan af te dwingen. Niet alles daarvan is geslaagd. Niet alles heeft standgehouden onder druk van bureaucratie, partijmacht, economische sabotage en interne tegenstellingen. Maar wie alleen naar presidentspaleizen, partijen en diplomatieke toppen kijkt, mist precies datgene wat de Bolivariaanse Revolutie voor veel mensen betekenis gaf: het gevoel dat politiek niet alleen iets van boven was, maar ook iets dat van onderop kon worden opgeëist.

Dat betekent niet dat de Venezolaanse staat buiten kritiek staat. Integendeel. Wie eerlijk kijkt, ziet ook repressie, bestuurlijke mislukking en verlies van vertrouwen. Maar precies op dat punt ontspoort veel buitenlandse analyse. Terechte kritiek op de regering wordt gebruikt om sancties, economische druk en politieke inmenging een schijn van morele legitimiteit te geven. Alsof collectieve verarming acceptabel wordt zodra ze wordt verpakt als zorg om vrijheid of democratie.

En altijd betalen dezelfde mensen de prijs. Niet de strategen in Washington. Niet de diplomaten die sancties verdedigen. Niet de opiniemakers die van crisis een geopolitiek schaakbord maken. De zwaarste last komt terecht bij gewone Venezolanen die leven met tekorten, onzekerheid en de gestage afbraak van het dagelijks bestaan. Wie werkelijk om het Venezolaanse volk geeft, kan niet blijven doen alsof economische wurging een vorm van solidariteit is.

De kern van de zaak is daarom groter dan de vraag wie op enig moment het presidentiële paleis controleert. Het gaat ook om de vraag of de toekomst van Venezuela wordt bepaald door buitenlandse druk, door binnenlandse elites of door de mensen die die samenleving dragen. Werkelijke democratie groeit niet uit sancties. Ze groeit ook niet uit een politiek waarin alleen staatsmacht telt. Ze kan alleen bestaan waar mensen in wijken, op werkvloeren en in gemeenschappen ruimte hebben om hun eigen leven en hun collectieve toekomst vorm te geven.

Daarom blijft de grens helder. Geen sancties die de samenleving verder breken. Geen regimewisseling van buitenaf. Geen geopolitieke voogdij vermomd als mensenrechtenpolitiek. Over de toekomst van Venezuela hoort niet in Washington te worden beslist, maar in Venezuela zelf, en uiteindelijk door de mensen die die toekomst elke dag moeten dragen.

Aanbevolen voor jou

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *