Straatportiek met meerdere deuren in Amsterdam, symboliserend lange wachttijden voor sociale huurwoningen en de strijd om woonzekerheid.
In Amsterdam lopen wachtlijsten voor sociale huurwoningen op tot meer dan tien jaar, wat de verstrikking van zekerheid in marktlogica en beheer illustreert.

Vooruitgang onder beheer

Er is zo’n alledaags moment waarop alles tegelijk klopt en wringt. Je werkt, je zorgt, je vult formulieren in, je wacht. Het systeem functioneert — en toch voelt het alsof je leven voortdurend door anderen wordt vastgehouden. Niet door één schurk, maar door regels, loketten, deadlines en economische noodzaak die niemand echt gekozen heeft. Alsof zekerheid altijd via een omweg moet lopen, en nooit rechtstreeks van mens tot mens mag bestaan.

Over hervorming, macht en waarom zekerheid zelden vrij is

Hier volgen we hoe de hoop op een breuk langzaam plaatsmaakte voor het geloof in hervorming binnen de socialistische beweging. Niet vanuit nostalgie naar barricades, en ook niet vanuit vertrouwen in bestuur. Maar vanuit een eenvoudig, hardnekkig inzicht: zolang bevrijding afhankelijk is van gecentraliseerde macht en beheer, blijft ze kwetsbaar, tijdelijk en omkeerbaar.

Waarom werden hervormingen de dominante linkse strategie?
Omdat kapitalisme en staat veranderden. Maar die keuze had een prijs: vooruitgang werd afhankelijk van macht van boven. En wat van boven komt, kan ook van boven verdwijnen.

Steun vrheid.nl op Substack

Wat sociaal-democratie ooit was

In de late negentiende eeuw was ‘sociaal-democratisch’ een breed begrip. Het omvatte hervormers én mensen die het kapitalisme wilden overstijgen. Massapartijen en vakbonden groeiden niet om het systeem netjes te beheren, maar omdat miljoenen arbeiders hun leven fundamenteel anders wilden organiseren.

Gaandeweg verschoof dat project. Na de grote breuken van de twintigste eeuw werd sociaal-democratie steeds vaker het idee van een gecorrigeerd kapitalisme: bescherming tegen de ergste schade, georganiseerd via de staat. Dat leverde tastbare verbeteringen op — pensioenen, zorg, onderwijs, arbeidsrechten — maar ook iets anders: afhankelijkheid van een apparaat dat niet door degenen aan de basis werd gecontroleerd.

Dat is geen detail. Wie bescherming ontvangt via een hiërarchisch systeem, leert zich te schikken naar de voorwaarden ervan. Rechten worden dossiers. Solidariteit wordt administratie. Die verschuiving — van strijd naar beheer — keert terug in bijna elke fase van deze geschiedenis.

De verzorgingsstaat: overwinning én keten

De verzorgingsstaat kwam niet voort uit liefdadigheid. Hij werd afgedwongen door strijd. Hervormingen van bovenaf waren vaak reacties op druk van onderop — bedoeld om die druk te neutraliseren.

Daar zit een blijvende dubbelheid in:

  • Enerzijds zijn sociale voorzieningen teruggehaalde rijkdom, collectief bevochten.
  • Anderzijds worden ze gekoppeld aan gehoorzaamheid aan regels die elders zijn vastgesteld.

Dat spanningsveld zie je vandaag terug in sancties, controles, marktprikkels en wachttijden. In Amsterdam betekent dat: sociale huur die verdwijnt achter tijdelijke contracten, buurten waar zorgverleners en leraren geen huis meer kunnen betalen, en wachtrijen bij loketten terwijl de stad om hen heen steeds duurder wordt. Niet omdat ‘het systeem faalt’, maar omdat het precies doet waarvoor het is ontworpen: orde bewaren, eigendom beschermen, arbeid disciplineren.

Hervorming of breuk: een oud debat, een actuele les

Rond 1900 ontstond een debat dat nog steeds rondwaart. De ene kant geloofde dat opeenvolgende hervormingen het systeem uiteindelijk zouden doen kantelen. De andere kant waarschuwde dat er een punt komt waarop macht zich niet laat wegregelen.

Wat vaak wordt vergeten, is dat naast kapitaal ook het bestuurlijke apparaat zelf een actor wordt. Elke hervorming creëert structuren die haar uitvoeren: regels, toezichthouders, budgetten, handhaving. Wat begon als bescherming kan zo veranderen in beheersing. De kernvraag is daarom niet alleen of hervormingen mogelijk zijn, maar wie er sterker van wordt. Dat onderscheid wordt pas echt zichtbaar wanneer de mogelijkheid van een breuk uit beeld raakt.

Waarom revolutie uit beeld raakte

Dat revolutie naar de achtergrond verdween, was geen toeval. Het was het resultaat van verschuivingen die tegelijk begrijpelijk en beslissend waren. Met de uitbreiding van kiesrecht en parlementaire toegang leek verandering mogelijk zonder open conflict. Voor veel mensen voelde dat als een veiligere weg dan een breuk met onzekere afloop. Strijd verplaatste zich van werkvloer en straat naar vertegenwoordiging. Mensen werden kiezers, en steeds minder organisatoren.

Tegelijk werd georganiseerde tegenmacht hard geraakt. Autoritaire en fascistische regimes richtten zich doelbewust op vakbonden, linkse partijen en buurtstructuren. Wat centraal was opgebouwd, bleek kwetsbaar: geconcentreerde macht kan in één klap worden gebroken.

Daarbovenop werd bestuur zelf krachtiger en technischer. Staten leerden economische crises managen, oppositie kanaliseren en orde handhaven met nieuwe middelen. Dat maakte radicale omwenteling niet alleen moeilijker, maar ook kostbaarder. Het systeem werd stabieler — en tegelijk afstandelijker, kouder, minder menselijk.

De staat als vorm van macht

Veel linkse strategieën behandelen de staat als een neutraal instrument: verover haar, en gebruik haar anders. Maar de staat is geen leeg vat. Hij is een vorm van macht met vaste kenmerken:

  • centralisatie;
  • bevel en gehoorzaamheid;
  • categorisering van mensen;
  • bescherming van eigendom als uitgangspunt.

Dat betekent niet dat elke wettelijke verbetering moet worden afgewezen. Het betekent wel dat zulke verbeteringen de machtsverhouding zelden veranderen. Ze maken haar vaak efficiënter. Juist daarom is de vraag naar blijvende tegenmacht doorslaggevend.

Hervormingen zonder ondermacht verdampen

Verbeteringen blijven alleen bestaan zolang er druk is. Zodra die druk verdwijnt, worden rechten herzien, uitgehold of geruisloos omgezet in marktregels. Dat is geen cynisme, maar een patroon dat zich telkens opnieuw laat zien.

Elke hervorming roept daarom dezelfde vragen op, of ze nu groot of klein is: wie heeft haar afgedwongen, wie bewaakt haar dagelijks, en wie heeft de macht om haar terug te draaien? Als de antwoorden consequent bovenin liggen — bij bestuur, instituties of kapitaal — dan blijft vooruitgang afhankelijk en tijdelijk. Dan is zekerheid geen grond onder je voeten, maar een gunst die kan worden ingetrokken.

Leren van neoliberalisme

Het neoliberale tijdperk heeft laten zien hoe snel verworvenheden kunnen worden omgezet in markten. In Nederland werd zorg een product via marktwerking en zorgverzekeraars. Wonen veranderde in een investeringsobject, met woningcorporaties die moesten concurreren, beleggers die wijken opkochten en huren die losraakten van inkomen. Onderwijs werd doorgelicht met rendementstaal, prestatie-indicatoren en tijdelijke contracten.

Dit gebeurde niet ondanks de staat, maar met zijn actieve medewerking. Beleidskeuzes als privatisering, verzelfstandiging en aanbesteding werden verkocht als hervormingen, maar verankerden winstlogica dieper in publieke voorzieningen. Wat ooit bescherming was, werd een nieuw terrein voor accumulatie — vaak verpakt als efficiëntie of keuzevrijheid.

De les is eenvoudig en ongemakkelijk: zekerheid die afhankelijk is van structuren die kapitaal dienen, is nooit veilig. Dat inzicht dwingt tot een andere manier van denken over vooruitgang.

Geschiedenis als gereedschap

In onze serie Geschiedenis als gereedschap schrijven we morgen over Michel Foucault en zijn analyse van macht als iets wat niet alleen onderdrukt, maar ordent, normaliseert en beheert. Dat perspectief werpt licht op dit essay: waarom hervormingen zo vaak uitmonden in systemen van controle, en waarom zekerheid, eenmaal ondergebracht in beleid en instituties, zelden vrij blijft. Macht zit niet alleen in besluiten van bovenaf, maar in formulieren, normen en wachttijden die het dagelijks leven vormgeven.

Een andere horizon

De echte keuze is niet tussen parlement en straat. De keuze is tussen macht die boven mensen staat en macht die tussen mensen bestaat. Dat betekent: bouwen aan

  • werkvloerorganisatie en stakingsmacht;
  • huurderscollectieven en woonstrijd;
  • zorg en onderwijs onder directe betrokkenheid van wie er werken en gebruik van maken;
  • netwerken van wederzijdse steun die niet wachten op toestemming.

Soms rolt daar ook wetgeving uit. Dat kan nuttig zijn. Maar dan blijft de volgorde helder: organisatie eerst, regels daarna — nooit andersom.

Geen illusies, wel richting

Vooruitgang is geen rustig proces. Ze ontstaat uit conflict, uit weigering, uit samen handelen. Niet uit beheer alleen. Deze geschiedenis laat zien waarom zoveel mensen hun hoop vestigden op bestuur: het leek veiligheid te bieden. Maar dezelfde geschiedenis toont de prijs daarvan.

Wie vrijheid, waardigheid en zekerheid wil, kan ze niet laten beheren door een machine die gebouwd is op gehoorzaamheid. Ze moeten worden gedragen door mensen zelf — collectief, voortdurend, en zonder de macht uit handen te geven. Dat maakt verandering trager, rommeliger en confronterender. Maar ook eerlijker. En duurzamer.

Als dit stuk je iets waard is, maak het dan mee mogelijk.

vrheid.nl schrijft sinds 2000 onafhankelijk, links en zonder commerciële leash. Geen advertenties, geen algoritmische dwang, geen redactionele knieval.

Voor €5 per maand steun je dit werk en ontvang je nieuwe stukken direct in je mailbox.

Steun deze dwarse plek

Aanbevolen voor jou